Rijsel – wikipedia static electricity vocabulary words

De stad is gesticht onder de Latijnse naam Ad Insulam, die letterlijk "op/bij het eiland" betekent. Dit werd in het Oudfrans vertaald als à l’isle en in het Middelnederlands, met gebruik van het Romaanse leenwoord, als ter ijs(s)el (uitspraak [tər i:səl]). In beide talen trad verkeerde woordscheiding op. Dat gaf in modern Frans à Lille en in modern Nederlands te Rijsel (met de klankwettige ontwikkeling van Middelnederlands [i:] tot Nieuwnederlands [ɛɪ]; de uitspraak in het West-Vlaamse dialect heeft nog steeds een [i]-klank). Beide namen zijn ongeveer even oud.

Er bestaan in Frankrijk veel misvattingen over de betekenis en herkomst van de Franse naam van de stad. Lille lijkt namelijk op het Latijnse lilium, dat "lelie" betekent. De lelie is om die reden sinds 1199 op het wapenschild terug te vinden.

De stad is in Vlaanderen voornamelijk bekend onder de Nederlandse naam Rijsel en in Nederland onder de Franse naam Lille. [1] Voor veel Nederlanders is Rijsel zelfs een onbekende naam. In Vlaanderen kan de naam Lille verwarrend zijn, vanwege de gelijknamige Antwerpse gemeente. Wegwijzers in Vlaanderen vermelden Rijsel, soms in combinatie met Lille tussen haakjes.

De geschiedenis van Rijsel begint met de stichting in de 11e eeuw door Boudewijn V, graaf van Vlaanderen, op een eiland in de Deule (zie ook de betekenis van de naam Rijsel hierboven). De aanvang van Rijsel wordt over het algemeen gezocht bij de stichting en bouw van het seculiere Sint-Pieters kapittel in 1055- 1065. Hierbij moet men vaststellen dat tot dan toe ondanks een redelijke bewoning geen bedehuis aanwezig was. Er wordt althans geen melding van gemaakt, noch zijn er archeologische sporen van teruggevonden. Rijsel werd de hoofdstad van Rijsels-Vlaanderen, het zuidelijke deel van het graafschap Vlaanderen. In 1297 werd de stad ingenomen door het Franse leger, na verwoede gevechten waarbij de inwoners, volgens de overlevering, een kudde varkens inzetten om een Franse aanval af te slaan. Na de slag bij Pevelenberg in 1304 werd Rijsel, samen met de rest van Picardisch Vlaanderen een deel van Frankrijk, tot de streek in 1369 als huwelijksgeschenk aan Filips de Stoute geschonken werd. In de 16e eeuw werd het hoofdzakelijk rooms-katholiek gebleven Rijsel herhaaldelijk bestookt door protestantse rebellen uit Moeskroen (de zogenaamde Hurlus).

In 1667 werd de streek door de Franse koning Lodewijk XIV belegerd en ingenomen, tegen de wil van haar Spaansgezinde bewoners. Van 1708 tot 1713 was de streek opnieuw in handen van Nederlandse troepen maar werd bij het verdrag van Utrecht aan Frankrijk teruggegeven. Na de Franse Revolutie lag de stad in de frontlinie en werd hij aangevallen vanuit de Oostenrijkse Nederlanden. Het beleg mislukte en de Franse generaal Dumouriez zag de kans de gehele Zuidelijke Nederlanden te veroveren.

In de 19e eeuw kenden Rijsel en omstreken een snelle bevolkingsstijging door industrialisatie. De textielindustrie trok veel immigranten aan, vooral Vlamingen en Polen. De stad stond bekend als " het Manchester van Frankrijk". Het van oudsher rooms-katholieke Rijsel, waar in 1881 het Eerste Internationale Eucharistische Congres werd gehouden, werd een ‘ linkse’ stad. In 1888 componeerde Pierre De Geyter er de Internationale, en in 1896 werd Gustave Delory er de eerste socialistische burgemeester van een Franse stad.

Tijdens de Eerste Wereldoorlog had de stad zwaar te lijden van bombardementen. Een groot deel van het stadscentrum werd door brand verwoest. De ineenstorting van de textielhandel na 1929 zorgde voor grote armoede in Rijsel. Toen na 1980 een nieuwe crisis in de textielindustrie, maar ook een crisis in de metaalindustrie en het stopzetten van de steenkolenwinning in het hele Departement du Nord voor grote werkloosheid zorgden, koos de stad resoluut voor de dienstenindustrie. Pas na 2000 begonnen de bevolkingscijfers weer te stijgen. Daalde het inwonertal tussen 1936 en 1982 van 240.747 tot 168.424, ondanks de aanhechting van Hellemmes en Lomme, in 2004 was het weer gestegen naar 226.800.

Rijsel is altijd al een kruispunt geweest van autowegen, waterlopen en spoorwegen, waardoor de stad vroeger een belangrijk economisch centrum was en dat ook nu nog is. In de 18e en 19e eeuw was het daarnaast de textielindustrie die Rijsel deed uitgroeien tot ‘het Manchester van Frankrijk’, zowel in positieve als negatieve zin. In deze periode kende Rijsel namelijk niet alleen een bloeiende economie, maar ook bijbehorend enkele sloppen- en krottenwijken waar de leefomstandigheden vaak zeer slecht waren.

In veel huizen in Rijsel zijn zowel Franse als Vlaamse invloeden te herkennen. Zo is er vaak gebruikgemaakt van rode en bruine baksteen, iets wat in Frankrijk een stuk minder gebruikelijk is dan in België. Ook zijn er veel wijken, in het bijzonder in groter Rijsel, waar rijtjeshuizen niet ongewoon zijn. Deze in Frankrijk ongewone kenmerken maken van Rijsel wat architectuur betreft tot een overgangstad tussen de Franse bouwstijl en die van Vlaanderen, Nederland en Engeland.

Rijsel is een verkeersknooppunt in de regio Noord-Frankrijk. De stad wordt omringd door enkele belangrijke "autoroutes" en beschikt over een eigen luchthaven, een TGV/Eurostarstation en een rivierhaven die behoort tot de drie grootste van Frankrijk.

De metro van Rijsel is de eerste van het type Véhicule Automatique Léger (VAL), een volautomatische metro op luchtbanden die zonder machinist op het metrostel wordt bestuurd. De afkorting VAL stond aanvankelijk voor Villeneuve d’Ascq – Lille, de eerste route van de metro. Inmiddels is er nog een tweede metrolijn, naar Roubaix en Tourcoing, die vlak bij de Belgische grens eindigt.

Rijsel vormt een belangrijk spoorwegknooppunt. Er zijn twee grote stations: Lille Europe, waar op een paar lokale treinen na enkel TGV- en Eurostar-treinen stoppen, en het kopstation Lille Flandres, waar de meeste andere treinen vertrekken of hun reis beëindigen. Het grootstedelijke gebied rond station Lille-Europe, Euralille, is ontworpen door de Nederlandse architect Rem Koolhaas.

• Skema Business School (École supérieure de commerce de Lille/ESC Lille Graduate School of Management), École des hautes études commerciales du nord (EDHEC), Institut supérieur européen de gestion group, IÉSEG School of Management (Institut d’Economie Scientifique Et de Gestion).